Leuke dingen
Er werden in die tijd leuke dingen georganiseerd voor de vrijwilligers zoals een dagje uit naar het Gelredome met eten, een groot feest en optredens van bekende artiesten.
Mijn eerste artikel, dat vond ik heel spannend. Toen de krant waarin mijn eerste artikel stond bij mij op de deurmat viel was ik heel trots. Door het ongeluk voelde ik mij buiten de maatschappij vallen. Ik was alleenstaand met een jong gezin en het voelde alsof ik niet meer voor mijn twee kinderen van 9 en 15 jaar oud kon zorgen. Daar had ik best wel moeite mee. Ik zat in een diep dal.
Mijn zolder had ik ingericht als kantoor. Daar schreef ik de artikelen. Om mijn werk goed te kunnen doen kreeg ik van de stichting een antwoordapparaat en een telefoon. Mijn zolderkamer groeide uit tot het centrum van de krant. Nieuwe redacteuren kwamen bij mij op kantoor om ingewerkt te worden. En ook een eindredacteur en iemand die de opzet controleerde. Er was ook nog een echtpaar die de opzet van de krant eens in de veertien dagen naar de drukkerij in Baarle-Nassau bracht. De drukproef kwam bij de eindredactie terecht. Alles ging zonder email. Dat was dus een arbeidsintensief proces. Er was een lijst met leuke items om over te schrijven. We hadden ook thema’s. Zoals de lente, zomer en Pasen. Daar gingen we mee aan de slag. Je mocht zelf kiezen over welk item op de lijst je wilde schrijven. Zo van dat ligt mij wel daar mocht je dan over schrijven.
Na een half jaar werd mij gevraagd om ook de acquisitie voor de krant te gaan doen. Dat was iets waar ik totaal geen ervaring mee had. Voorheen was er een betaalde kracht maar door geldgebrek werd een vrijwilliger ingezet. Dat was ik.
Met het in elkaar zetten van advertenties had ik ook geen ervaring. Zo kreeg ik een keer op een kladblaadje dat de viooltjes bij Schalk in de aanbieding waren. Ik kreeg dan de opdracht er een artikel over te schrijven en er een advertentie bij te maken voor in de papieren krant. Gelukkig kreeg ik hulp van een fotograaf en iemand die wist hoe je een advertentie moest maken.
Ik ben gestopt met de acquisitie omdat ik nauwelijks meer aan schrijven toe kwam. Dat was moeilijk. Toen ik dat in de redactievergadering aankondigde leek het alsof 25 hongerige kinderen mij met grote ogen aankeken. Zo voelde het, laat ons niet in de steek, we hebben eten nodig. Centen! Toen heb ik de aquisitie nog een half jaar gedaan. We hadden voorheen wel mensen die de aquisitie deden maar dat werd een chaos. Vooral op financieel gebied. Omdat ze steeds meer vergoeding voor hun werkzaamheden eisten bleef er voor de krant steeds minder geld over terwijl de rekeningen betaald moesten worden. Het werd zelfs zo erg dat de krant een artikel plaatste met de mededeling : ‘Nu gaat de stekker eruit’ omdat de krant financieel aan de grond zat. Vooral vanwege de hebzucht van de particuliere acquisiteurs. Het wrange was dat er zelfs een wachtlijst was met adverteerders maar de Stichting kon de rekeningen niet meer betalen.
Gelukkig bood drukkerij E.M. de Jong de oplossing. Zij regelden een acquisiteur tegen een normaal tarief en zorgden voor het drukken van de krant. De krant was gered en ik kreeg weer meer tijd om te schrijven.
Door het interviewen van mensen in de wijk werd mijn wereld snel groter. Mensen kenden mij van de krant, ik werd een bekend gezicht in de wijk. Ik kreeg op straat steeds vaker te horen: ”Hé, jij bent toch van de krant?” Die herkenning vond ik heel leuk. Hierdoor krijg ik nog steeds mails of berichten van mensen die graag met een interview in de krant willen. Door de wervelwind die de krant in mij opwekte kreeg ik steeds minder tijd voor mijn kinderen. Die vonden het allemaal niet zo leuk, maar persoonlijk groeide ik. Ik was volledig uit het dal waar ik na mijn ongeluk in terecht was gekomen.
Een letterlijk hoogtepunt was de opening van de luchtmachttoren. Ik mocht de directie van die toren interviewen. Om mensen te kunnen interviewen moet je een goede gesprekspartner zijn. Voor zo’n interview moet je je inlezen in het onderwerp en dat geeft je een persoonlijke groei. Voor de komst van internet ging ik dan naar de bibliotheek. Allemaal heel tijdrovend.
Voor de serie oude boerderijen heb ik heel veel kleine boekjes over de geschiedenis van de Haagse Beemden bestudeerd. Op die manier kon ik de bewoners van die panden de juiste vragen stellen. Per krant schreef ik vier tot vijf artikelen. Eens per twee weken kwam die krant uit.