Aangekomen op de plek van bestemming dient zich het eerste probleem aan: de auto ergens zien te parkeren. Het liefst willen we hem niet te ver van het centrum stallen om een lange wandeling te voorkomen. We zijn inmiddels gewend dat alles peperduur is geworden dus de parkeerkosten nemen we op de koop toe. Als we geluk hebben kunnen we de auto ergens kwijt langs een gracht. De straat tussen de prachtige gevels en het water is erg smal. Als er een brede vrachtauto langsrijdt is de kans aanwezig dat de spiegel van uw auto wordt afgereden, of erger, de hele zijkant wordt beschadigd.
Achteruit inparkeren op een smalle parkeerplek met aan de rechterkant de gracht bezorgt veel chauffeurs nachtmerries, vooral als je dat diepe donkere water niet gewend bent.
Voor mensen die een auto bezitten met een actieve parkeerassistent is dat een opluchting. Computergestuurde parkeersensoren meten of de parkeerplek groot genoeg is voor de auto en nemen het stuur over, terwijl de bestuurder alleen nog maar gas hoeft te geven en te remmen. De inzittenden weten dan niet wat er precies gebeurt. Bij smalle parkeervakken komt het nogal eens voor dat de banden nog maar voor een vijfde deel op de stenen rusten. De rest van de banden ‘hangt’ dan boven de gapende diepte van de gracht. Je kunt uiteraard aan de waterkant niet uitstappen. Een beetje lenigheid is geboden. Voor de banden is dat vreemde parkeren niet zo goed, omdat het gewicht van het voertuig rust op maar een klein deel van de banden.