Roze maandag op de Tilburgse kermis
Ieder jaar weer staat Tilburg op zijn kop als het er tien dagen lang kermis is. De stad heeft de grootste kermis van de Benelux en trekt iedere keer weer honderdduizenden enthousiaste bezoekers.
Ik was nog maar een broekemans van 10 jaar toen ik met mijn ouders mee naar de film mocht. Op die leeftijd viel voor mij nog weinig te kiezen dus wat wil je?
De film werd vertoond in één van die waanzinnig grote Rotterdamse bioscopen, ik meen Luxor (het oude Luxor). Die had een organist, een soort Cor Steyn, maar wel minder begaafd, in dienst die voor aanvang een deuntje speelde op zijn Hammond jammerdoos. Geweldig, maar nee, dank u wel.
De film, die mijn moeder had uitgekozen was ‘Tammy and the bachelor’ (1957). Een mierzoete rolprent met Debby Reynolds in de hoofdrol. Ik keek al direct na binnenkomst uit naar de pauze om dan hopelijk getrakteerd te worden op een oergezonde Marsreep en als het meezat een flesje Riedel priklimonade. De collectebussen voor het Bio Vakantieoord werden bijna altijd pijlsnel in de rijen doorgegeven aan de buurman of buurvrouw.
Zoals gewoonlijk werd het publiek na de pauze eerst verveeld met een eindeloze rij van persoonsnamen op het scherm, die een of andere rol hadden gespeeld in het tot stand komen van de film. Dat was voor mij al de eerste barrière in de beleving.
Toch werd mijn kinderziel geschud bij het zien van al die zoetzangerige brei van emoties. Zo zoet dat ik mij zorgen begon te maken over mijn gebitje… Het werd helaas nog erger omdat ik werd meegezogen in een aandoenlijk Oscarwaardige smartlap, die Tammy/Debby zong. Heeft een week geduurd voor ik dat kreunende liefdesgezang uit mijn geheugen had gewist.
Een jaar later wist ik naar binnen te komen in een film voor 14 jarigen. Een lekker rauwe film, the Vikings(1958), met Kirk Douglas als prins Einar in de hoofdrol. Het begin van de filmische hak- en breekwerkethiek.
Nu, 70 jaar later, kan ik mij niet herinneren wanneer ik voor het laatst in een bioscoop kwam, ik meen dat dit in de jaren zeventig was met ‘A bridge too far’ (1977), samen met mijn buurman.
Door de komst van onder meer videotheken, CD en hoera, Netflix, werd de TV-wereld naar een volgend geweldslevel opgestuwd.
Nu kijk ik nog uitsluitend naar documentaires en nieuwsuitzendingen op TV. Al het overige aanbod komt mij steeds meer voor als bingykijkers bagger.
Wat moet je dan doen met je vrije tijd? Ach, eens per week probeer ik, via mijn tablet, een min of meer geloofwaardige column op het WorldWideWeb te lozen, waarvan akte. Typen is voor mij de uitkomst omdat de leesbaarheid van mijn handschrift dusdanig is afgenomen dat veel bekenden dachten dat ik ooit medicijnen had gestudeerd. Nee dus.
Terug naar de harde realiteit. Het is tijd om te gaan tanken in de Bels, 37 cent per liter voordeel is toch nog aantrekkelijk, dus kassa, hè Rob?
Groet, Pennetje