Tor en met de bruine band en school zwarte band kan men bij de eigen judoleraar examen doen, maar vanaf het 1e dan zwarte bandexamen moet men naar de examens van de Judo Bond Nederland om een erkende graad te kunnen behalen, welke belangrijk is als men onder andere rijkserkend judoleraar wil worden of scheidsrechter op niveau. Judoleraren met het hoogste diploma judoleraar B met minimaal een 3e dan en een examinatorenlicentie kunnen uitgenodigd worden om deze examens af te nemen. Iedereen doet dus examen voor een (hogere) zwarte band bij andere leraren.
Afgelopen jaar werd door de twee Arashi kandidaten, gemiddeld 2x per week getraind en dit werd de afgelopen periode 3x per week. Bij de examencommissie die onder anderen. bestond uit Thijs van Dongen 6e dan, wisten zij een prima examen te demonstreren. Dussenaar Robbin van Eeden (25 jaar) kwam al jong met een gele band van een andere club naar Arashi. Nick Janssens (21 jaar) begon met 6 jaar met judo bij Arashi in Teteringen. Janssens
is Pre-masterstudent Geneeskunde aan de Universiteit van Amsterdam en van Eeden is HBO student verpleegkunde op de Avans. Judoka Nick draaide vele judowedstrijden en deed dat niet onverdienstelijk. Hij werd o.a. clubkampioen tot 14 jaar, behaalde tweemaal brons op de Zuid-Nederlandse kampioenschappen en had veel geduld voor zijn 2e zwarte band, want het ging niet meteen zoals gehoopt werd. Met partner Maurice van Os (3e dan) werden drie onderdelen behaald en met Senno Triantis (2e dan) werd het Kata succesvol binnengehaald.
Nick is al jaren clubscheidsrechter op de onderlinge wedstrijden van Arashi, waar hij opvoedkundig de kinderen weet te sturen bij het kennismaken aan judowedstrijden. Robbin van Eeden is vanaf jongs af aan wedstrijdjudoka geweest. Hij was voor trainingen en wedstrijden in België, Kroatië en Zweden en won onlangs zilver op de Open Zuid-Nederlands kampioenschappen. De laatste jaren is hij ook betrokken bij het jureren, scheidsrechteren en de EHBO. Beide judodieren hebben veel plezier in de judostudie op de mat. Hun examen begon met het Kata-onderdeel: Nage no kata (vastgelegde werptechnieken). Hierna volgde hun staande technieken rechts en links in beweging. Als afsluiting lieten zij grondwerk in beweging zien, welke bestond uit houdgrepen, armklemmen, wurgingen, keren en kantelen en ontsnappingen.