Het is een klein, maar bijzonder natuurgebied, tussen de Strijbeekse Heide en het dal van de Strijbeekse Beek. Het ven is omgeven door een hoefijzervormig stuifduin, een paraboolduin. In het midden ligt een hoogveeneiland, een drijvend eiland dat met de waterstanden op en neer gaat.
In de jaren vijftig van de vorige eeuw waren er plannen om van dit gebied landbouwgrond te maken. Het duin zou worden afgegraven en het ven gedempt. Enkele natuurkenners hebben toen met succes aan de bel getrokken. Staatsbosbeheer heeft het unieke gebiedje nog juist op tijd aan kunnen kopen, waardoor de bijzondere natuur behouden kon blijven. Rond het ven vinden we bos met zowel loof- als naaldbomen. Er groeien stuiken als sporkehout en gagel en planten die onze bescherming verdienen. Watervogels, zoals de kuifeend en de dodaars zijn hier altijd wel te zien.