Open voor jou! (5) Laura Luijendijk

GRAAF ENGELBRECHT 25 februari 2026 Redactie Leerlingen Graaf Engelbrecht
26022501ge5lauraluijendijk1.jpg

De Graaf: ´Open voor jou’, is dé slogan die past bij wat onze school, GRAAF ENGELBRECHT, wil uitstralen. Er volgt een serie interviews van leerlingen met hun grootouder(s) of gewoon met een buurman, of: bijzonder: met oma over overleden opa. Kortom weer prachtige, grappige, ontroerende verhalen/interviews. Leerlingen vinden deze opdracht in het kader van burgerschap echt heel erg leuk om te doen.

Deze week: onderdelen uit een interview met oma over de overleden opa van Laura uit Atheneum 6.

26022501ge5lauraluijendijk2.jpg

Helaas is mijn opa 31 maart 2022 overleden. Daarom heb ik ervoor gekozen om mijn oma te interviewen. Zij heeft een groot deel van haar leven met hem gedeeld en kende hem als geen ander. Ik kijk er dan ook erg naar uit om dit interview af te nemen. Het lijkt me bijzonder om zijn verhaal te horen vanuit haar perspectief en zo een nog beter beeld te krijgen van wie hij was. De centrale vraag van dit interview is: In hoeverre heeft de moeilijke jeugd van mijn opa invloed gehad op zijn leven? Deze vraag vat zijn levensverhaal en de impact die hij op zijn omgeving had het beste samen.

26022501ge5lauraluijendijk3.jpg

Wat is uw naam, geboortedatum en geboortestad?
“Ik ben Doortje Luijendijk en ik ben geboren in Oosterbeek bij Arnhem.”

Kunt u iets vertellen over uw man, Jan Luijendijk?
“Mijn man was Jan Luijendijk. Hij werd geboren in 1939 in Rotterdam.”

Wat weet u over zijn jeugd in Rotterdam?
“Hij was een baby toen de Duitsers in 1940 Rotterdam bombardeerden. Zijn opa is met Jan in zijn armen met een groepje tijdens de aanval de stad ontvlucht. Niet iedereen van de groep heeft dat overleefd. Jan heeft een moeilijke jeugd gehad. Hij werd samen met zijn drie zussen in een pleeghuis geplaatst, omdat zijn biologische ouders niet in staat waren om voor hen te zorgen. Toen opa ongeveer vier jaar oud was, werd het gezin gescheiden en werden hij en zijn zussen uit huis geplaatst.”

Hoe was het voor hem om op te groeien in verschillende pleeggezinnen?
“Niet fijn. Hij heeft daar altijd negatief op teruggekeken. Hij voelde zich nergens echt thuis, omdat hij telkens van het ene gezin naar het andere werd gestuurd.”

Heeft hij daar veel over verteld?
“Ja, hij heeft er zeker veel over verteld. Zijn eerste pleeggezin was erg slecht. De mensen die hem opvingen, kregen geld om voor hem te zorgen, maar dat gebruikten ze vooral voor hun eigen dochter. Opa moest het doen met oude, versleten kleren van haar. Dat vond hij oneerlijk en dat heeft hij nooit vergeten.”

Had hij een goede band met zijn pleeggezinnen?
“Nee, zeker niet. Hij heeft nooit een warm thuisgevoel gehad. Ik weet nog dat zijn eerste pleeggezin een keer op bezoek was bij zijn zus toen Jan ook op bezoek zou gaan, maar Jan wist niet dat zij er ook waren. Hij kon die mensen niet uitstaan. Ze waren erg kerkelijk, maar ze maakten wel gebruik van het geld dat voor de zorg van Jan en zijn zus was bedoeld voor hun eigen gezin. Als hij destijds had geweten dat ze op bezoek waren bij zijn zus Nel, dan was hij niet gegaan. Nel was waarschijnlijk nog positief over hen, maar Jan zei altijd heel duidelijk: “Dat waren ze gewoon niet.” De manier waarop ze hem behandeld hadden, vergat hij nooit. Hij weigerde ze destijds ook een hand te geven.”

Denk je dat deze moeilijke jeugd hem als persoon gevormd heeft?   

 “Ja, absoluut. Hij was altijd heel rechtvaardig en kon er slecht tegen als anderen onrecht werden aangedaan. Aan een vrouw of kind moest je bij hem absoluut niet komen. Ik denk dat dat direct voortkwam uit zijn eigen ervaringen als kind.”

26022501ge5lauraluijendijk4.jpg

Hoe is opa bij de marine terechtgekomen?                                                                          

“Zodra hij 18 werd, is hij meteen naar de marine gegaan.”

Was dit een bewuste keuze of een spontaan besluit?                                                

“Hij had het er altijd al over gehad. Hij was altijd gefascineerd door schepen en vond het mooi als er een schip voorbij kwam varen. Hij zag het ook als een kans om de wereld te ontdekken.”

Heeft hij bijzondere verhalen verteld over zijn tijd bij de marine?                              

“Ja, hij vond die periode geweldig. Hij maakte veel verre reizen en heeft veel van de wereld gezien. Een van de spannendste momenten was tijdens de Koude Oorlog, toen Kennedy nog president was. Er dreigde destijds een oorlog te ontstaan en daarom moest zijn schip voor de veiligheid eerder terugkeren naar Nederland.’’

Wat vond hij van het leven bij de marine? Was het zwaar?
“Nee, hij vond het geweldig. Hij zei altijd dat het de mooiste jaren van zijn leven waren. Hij heeft zoveel gezien en beleefd, en hij zei vaak dat het de beste beslissing was die hij ooit had genomen. Hij hield ook heel veel van sport en deed vaak mee aan voetbalwedstrijden van de marine als ze niet op zee waren.”

Heeft opa in zijn tijd bij de marine ooit levensbedreigende situaties meegemaakt? 

“Wel een paar. Het was natuurlijk altijd best een gevaarlijke reis, omdat de voorzieningen toen veel minder waren dan dat we nu gewend zijn, maar een keer ging het bijna mis. Hij kreeg toen plotseling een acute blindedarmontsteking. Het was zo ernstig dat het schip midden in de Caraïbische zee bij het dichtstbijzijnde eiland Barbados moest aanleggen om hem met spoed te opereren. Zijn leven was op dat moment in gevaar, maar gelukkig is alles goed gegaan en heeft hij het zonder verdere complicaties overleefd.”

Denk je dat hij bij de marine was gebleven als jullie elkaar niet hadden ontmoet?
“Dat denk ik wel. Hij was er altijd heel positief over. Hij zei ook altijd tegen mij dat als die mij niet had leren kennen hij nog 6 jaar had bijgetekend. Maar aan de andere kant, hij had in die jaren al veel gezien, dus misschien was het ook een logisch moment om te stoppen.”

Hoe heeft u opa leren kennen?

“Via mijn broer. Mijn broer werkte ook bij de marine, maar had niet altijd dezelfde reizen als Jan. Mijn broer heeft echter in Oosterbeek een brommerongeluk gekregen en is overleden. Na het ongeluk van mijn broer kwam ik Jan een keer tegen in het centrum van Arnhem en moest ik hem vertellen wat er gebeurd was. De volgende dag kwam hij op de koffie en eigenlijk is hij toen nooit meer weggegaan. Ieder jaar gingen we bloemen leggen op het kerkhof in Oosterbeek bij het graf van mijn broer.”

Wat vond u zo bijzonder aan hem?
“Zijn rechtvaardigheid. Hij kwam altijd op voor anderen, vooral voor vrouwen en kinderen. Hij kon het niet verdragen als iemand werd benadeeld.”

Hoe zag jullie leven eruit toen jullie samen waren?
“Ik was 20 toen onze zoon Martin werd geboren. We waren toen twee jaar getrouwd. Jan was een echte familieman.”

Hoe was opa als echtgenoot en vader?
“Hij was ontzettend trots op Martin. Iedereen moest weten op wat voor school hij zat en hoe goed hij het deed. Hij was erg gesteld op zijn gezin en dat was gewoon het belangrijkste voor hem. Toen mijn zoon vakantiewerk ging doen waar Jan werkte bleek iedereen hem al te kennen. Maar niemand vond Jan een opschepper, ze zagen gewoon hoe oprecht trots hij was.”

Wat waren typische trekjes of gewoontes van opa?
“Hij was altijd bezig met zijn familie. Hij wist precies hoe laat jullie (zijn kleinkinderen) uit school kwamen en wanneer jullie moesten sporten. Hij was een man van weinig woorden, maar hij praatte altijd vol trots over zijn gezin en ik denk dat dat ook te maken had met zijn jeugd. Hij was nooit een superspraakzame man, maar aan zijn familie moest je niet komen.”

Hoe zou hij herinnerd willen worden?
“Als een rustige, eerlijke man die gek was op zijn gezin. Dat was voor hem genoeg.”

Hadden opa en u nog dromen of plannen voor de toekomst?  

Niet echt grote dromen. Voor ons ging het er vooral om dat we koesterden wat we hadden. Toen papa werd geboren, was het plaatje compleet, toen hoefde er niks meer. Gewoon genieten van wat we hadden, en dat was genoeg. We zijn allebei in het verleden ernstig ziek geweest. Jan is toen mijn zoon een tiener was midden in de nacht met de ambulance naar het ziekenhuis in Arnhem gebracht met een maagperforatie en ik heb een paar jaar later maanden in het ziekenhuis gelegen met een ernstige darmziekte. Ik denk dat je dan nog bewuster wordt van wat echt belangrijk is. Wij hebben allebei altijd een sterk doorzettingsvermogen gehad, dat kunnen we wel echt zeggen.”

Wat is een mooie les die opa heeft meegegeven aan zijn familie?                          

“Trots en dankbaar zijn voor wat je hebt. Niet meteen zeggen: "Dat kan ik niet," maar het gewoon proberen.”