Hoe is opa bij de marine terechtgekomen?
“Zodra hij 18 werd, is hij meteen naar de marine gegaan.”
Was dit een bewuste keuze of een spontaan besluit?
“Hij had het er altijd al over gehad. Hij was altijd gefascineerd door schepen en vond het mooi als er een schip voorbij kwam varen. Hij zag het ook als een kans om de wereld te ontdekken.”
Heeft hij bijzondere verhalen verteld over zijn tijd bij de marine?
“Ja, hij vond die periode geweldig. Hij maakte veel verre reizen en heeft veel van de wereld gezien. Een van de spannendste momenten was tijdens de Koude Oorlog, toen Kennedy nog president was. Er dreigde destijds een oorlog te ontstaan en daarom moest zijn schip voor de veiligheid eerder terugkeren naar Nederland.’’
Wat vond hij van het leven bij de marine? Was het zwaar?
“Nee, hij vond het geweldig. Hij zei altijd dat het de mooiste jaren van zijn leven waren. Hij heeft zoveel gezien en beleefd, en hij zei vaak dat het de beste beslissing was die hij ooit had genomen. Hij hield ook heel veel van sport en deed vaak mee aan voetbalwedstrijden van de marine als ze niet op zee waren.”
Heeft opa in zijn tijd bij de marine ooit levensbedreigende situaties meegemaakt?
“Wel een paar. Het was natuurlijk altijd best een gevaarlijke reis, omdat de voorzieningen toen veel minder waren dan dat we nu gewend zijn, maar een keer ging het bijna mis. Hij kreeg toen plotseling een acute blindedarmontsteking. Het was zo ernstig dat het schip midden in de Caraïbische zee bij het dichtstbijzijnde eiland Barbados moest aanleggen om hem met spoed te opereren. Zijn leven was op dat moment in gevaar, maar gelukkig is alles goed gegaan en heeft hij het zonder verdere complicaties overleefd.”
Denk je dat hij bij de marine was gebleven als jullie elkaar niet hadden ontmoet?
“Dat denk ik wel. Hij was er altijd heel positief over. Hij zei ook altijd tegen mij dat als die mij niet had leren kennen hij nog 6 jaar had bijgetekend. Maar aan de andere kant, hij had in die jaren al veel gezien, dus misschien was het ook een logisch moment om te stoppen.”
Hoe heeft u opa leren kennen?
“Via mijn broer. Mijn broer werkte ook bij de marine, maar had niet altijd dezelfde reizen als Jan. Mijn broer heeft echter in Oosterbeek een brommerongeluk gekregen en is overleden. Na het ongeluk van mijn broer kwam ik Jan een keer tegen in het centrum van Arnhem en moest ik hem vertellen wat er gebeurd was. De volgende dag kwam hij op de koffie en eigenlijk is hij toen nooit meer weggegaan. Ieder jaar gingen we bloemen leggen op het kerkhof in Oosterbeek bij het graf van mijn broer.”
Wat vond u zo bijzonder aan hem?
“Zijn rechtvaardigheid. Hij kwam altijd op voor anderen, vooral voor vrouwen en kinderen. Hij kon het niet verdragen als iemand werd benadeeld.”
Hoe zag jullie leven eruit toen jullie samen waren?
“Ik was 20 toen onze zoon Martin werd geboren. We waren toen twee jaar getrouwd. Jan was een echte familieman.”
Hoe was opa als echtgenoot en vader?
“Hij was ontzettend trots op Martin. Iedereen moest weten op wat voor school hij zat en hoe goed hij het deed. Hij was erg gesteld op zijn gezin en dat was gewoon het belangrijkste voor hem. Toen mijn zoon vakantiewerk ging doen waar Jan werkte bleek iedereen hem al te kennen. Maar niemand vond Jan een opschepper, ze zagen gewoon hoe oprecht trots hij was.”
Wat waren typische trekjes of gewoontes van opa?
“Hij was altijd bezig met zijn familie. Hij wist precies hoe laat jullie (zijn kleinkinderen) uit school kwamen en wanneer jullie moesten sporten. Hij was een man van weinig woorden, maar hij praatte altijd vol trots over zijn gezin en ik denk dat dat ook te maken had met zijn jeugd. Hij was nooit een superspraakzame man, maar aan zijn familie moest je niet komen.”
Hoe zou hij herinnerd willen worden?
“Als een rustige, eerlijke man die gek was op zijn gezin. Dat was voor hem genoeg.”
Hadden opa en u nog dromen of plannen voor de toekomst?
Niet echt grote dromen. Voor ons ging het er vooral om dat we koesterden wat we hadden. Toen papa werd geboren, was het plaatje compleet, toen hoefde er niks meer. Gewoon genieten van wat we hadden, en dat was genoeg. We zijn allebei in het verleden ernstig ziek geweest. Jan is toen mijn zoon een tiener was midden in de nacht met de ambulance naar het ziekenhuis in Arnhem gebracht met een maagperforatie en ik heb een paar jaar later maanden in het ziekenhuis gelegen met een ernstige darmziekte. Ik denk dat je dan nog bewuster wordt van wat echt belangrijk is. Wij hebben allebei altijd een sterk doorzettingsvermogen gehad, dat kunnen we wel echt zeggen.”
Wat is een mooie les die opa heeft meegegeven aan zijn familie?
“Trots en dankbaar zijn voor wat je hebt. Niet meteen zeggen: "Dat kan ik niet," maar het gewoon proberen.”