Familie
Hoe groot was het gezin?
We hadden 13 kinderen. 8 jongens en 5 meiden. Ik was de 12e. We sliepen met 2 of 3 in een bedstee. Ik was het meest verwend en de eerste in het gezin die een nieuwe fiets kreeg.
Waar speelden jullie?
We speelden altijd bij de Mark en de schans. Vroeger was het veel mooier dan nu. De haven liep toen door tot aan de schans. Er lag een pontje waarmee koeien werden overgezet om te grazen aan de overkant. In rivier de Mark gingen we vaak zwemmen. We hadden geen zwembroek, dus gingen in onze onderbroek. Soms was dat helemaal richting Prinsenbeek. Tussendoor liepen we dan met een poolstok over de wei. Nu zie je dat niet meer. De jeugd lijkt alleen maar bezig te zijn met telefoons. De tijd vond ik zoveel mooier dan nu. Een katapult was het enige dat wij aan speelgoed hadden.
En heb je nog meer te vertellen over waar jullie jezelf mee vermaakten?
Een vader van een maatje van mij werkte bij het circus dat we toen in Terheijden hadden. Dat was ‘Circus van Bever’. Mijn maat was Guusje van de Wouw. Ze gaven daar shows met paarden, olifanten en kamelen. Ik kwam daar ook vaak. De vader van Guusje was messenwerper bij het circus. Op een keer was er brand bij het circus. Bijna alle dieren waren toen ontsnapt en liepen door Terheijden. Ze zijn later wel allemaal gevangen.
En heb je nog bijzondere herinneringen aan het spelen bij de haven?
Bij het haventje werden de grote boten gelost (zand, grind voor de steenfabriek en pulp voor de boeren in de wintermaanden. Er speelde altijd een meisje van onze leeftijd (8 jaar ongeveer). Die liep altijd over de kabels waar de boot mee aangemeerd lag. Toen we een keer uit school kwamen waren er allemaal mensen aan het zoeken bij de haven. Ze zochten naar dat meisje. Ik was erbij toen ze haar gevonden hebben. We hebben ze ook mee begraven. Dat heeft veel indruk gemaakt.
Hadden jullie voldoende te eten?
We hadden elk jaar 1 of 2 varkens die we zelf gingen slachten. Ook hadden we konijnen en kippen. Er was voldoende te eten. Mijn broer ving paling. Hij ging deze zelf roken. Dat was heel lekker.
Hoe waren jullie vroeger op de hoogte van het nieuws?
We hadden alleen een radio en hoorden zo het nieuws. Mijn broer was de eerste in Terheijden die een tv had. Telefoons kenden we ook niet.
Wat voor vervoer hadden jullie?
We deden veel te voet en met de fiets. Op straat zag je paarden met karren.
Deden jullie iets met het geloof?
We moesten wel 1x per week gaan biechten bij een priester. Ik zei altijd hetzelfde: ‘ik heb een appeltje weggehaald’. De priester was een beetje onsmakelijk. Tijdens het praten spetterde hij uit zijn mond. Het voelde als oplichterij. Ik geloof nu nog steeds wel, maar niet perse in het katholieke geloof. Ik vind het wel fijn om vast te houden aan een geloof voor als je steun zoekt. Volgens mij komen de oorlogen door het geloof. Mede daarom heb ik er niet echt vertrouwen in.
Hoe merkte je verschil tussen katholiek en protestants geloof?
Het geloof heeft me nooit zo geïnteresseerd. Wel wist ik wie er katholiek was en wie protestant. Ik weet nog dat ik een keer een steenpeer in mijn jas had. Ik werd achterna gezeten door een kind dat protestants was. Om mezelf te verdedigen gooide ik met de steenpeer. Deze kwam per ongeluk tegen zijn oog. Dat is me wel bijgebleven.
In wat voor huis woonden jullie?
We woonden met zijn allen in de Schansstraat in Terheijden. Dat is vlakbij de haven. We woonden in een vrijstaand huisje met een grote tuin.
Hoe was de relatie met de broers en zussen?
Goed. Met verjaardagen hadden we het heel gezellig. Er kwam iemand op een accordeon spelen en er was veel muziek. De verjaardagen werden lang en groot gevierd. Ook toen iedereen een eigen gezin met kinderen had. Er was muziek en roken was heel normaal. Overal stonden sigaretten op tafel. Op een gegeven moment werd dat minder. Ieder heeft dan zijn eigen huishoudentje.
Hoe ben je gestopt met roken?
Daar heb ik geen moeite mee gehad? Met karakter moet je kunnen stoppen. Als ik zeg dat ik iets niet meer doe, dan doe ik het niet meer. Het is ja of nee. En afspraak is afspraak.
En heb je nog speciale herinneringen aan je broers of zussen?
Met een broer (onze Bart) en een neef ben ik jaren naar NAC gegaan. We hadden een seizoenkaart. Dat was heel gezellig. Na de wedstijd gingen we gezellig wat drinken. Mijn broer reed meestal naar het Beatrix stadion. We leerden veel mensen kennen. Ook was er altijd een Belg bij.
Misdroegen de supporters zich?
Dat gebeurde weleens. Bijvoorbeeld Twente en Tilburg waren vervelend in die tijd. Feyenoord en NAC ging altijd wel goed samen.
Deed u ook aan sport?
Ja, voetballen.
Ook bij SVT in Terheijden?
Ja, daar heb ik ook nog gevoetbald.
En nu? Ben je nog een sportliefhebber?
Ik zie het graag op tv. Bijvoorbeeld de olympische spelen, schaatsen, voetballen. Voetballen wel minder dan voorheen. Het niveau van Nederland is slecht op het moment vind ik.
Voor welke club ben je?
Voor PSV en een beetje voor Feyenoord. Vroeger toen Cruijff nog bij Ajax speelde was ik voor Ajax. Nu zijn ze nog minder dan NAC.
Hoe heeft u oma Ria ontmoet?
Dat was toen ik in Duitsland aan het werk was. Tijdens het uitgaan leerden we elkaar kennen. In 1973 zijn we getrouwd en in de Vierhoven in Terheijden gaan wonen, waar ik nog steeds woon.
Hoe is de band met mijn moeder en tante Cindy? (uw kinderen)
We hebben een fijne band en dagelijks contact. Nu ik wat ouder wordt ben ik blij dat ze bij mij in de buurt wonen in Terheijden.
Op welke bijzondere uitjes met het gezin kijk je graag terug?
Dagjes naar Zeeland. Vroeger gingen we heel graag en vaak een dagje naar het strand in Dishoek. Maar ook een dagje langs verschillende Zeeuwse dorpen (Zierikzee, Domburg) is iets wat we regelmatig deden. Later gingen we met het hele gezin op vakantie naar Griekenland (Samos) en naar Frankijk. Hele mooie herinneringen die we samen met oma Ria hebben kunnen maken.
Helaas is oma Ria al lang geleden overleden. Kunt u daar iets over vertellen?
Oma Ria was ziek en op een gegeven moment weet je dat ze niet meer beter ging worden. Met de techniek van tegenwoordig had het misschien anders geweest en had ze er misschien nog wel geweest. Het is jammer dat ze jullie nooit heeft leren kennen.
En hoe vond u het om op ons te passen toen wij klein waren?
Dat vond ik gezellig en ik verschoonde luiers alsof het niks was. In onze tijd toen jouw moeder en tante Cindy nog klein waren heb ik dat nooit gedaan. Dat was toen heel gewoon.