Relieken
De tastbare herinneringen aan Alena vormen tegenwoordig nog steeds een populaire reden voor een bezoekje. In Dilbeek is de Sint-Alenatoren een tastbare herinnering aan de motte. Op deze locatie zou voor de bouw van het huidige middeleeuwse waterslot de motte hebben gestaan. De eigendomsregistratie gaat niet verder terug dan de elfde eeuw. Opgravingen zijn nodig om aan te tonen dat op het eilandje inderdaad een zevende eeuwse motte heeft gestaan. Maar het verhaal van de opgesloten vorstendochter past prachtig bij de feeërieke ruïne waarin de toren onaangetast de tijd overwonnen lijkt te hebben.
Niet ver van het waterslot staat een mooie middeleeuwse Ambrosiuskerk. Volgens onderzoek is de kerk opgericht rond het jaar duizend. Of er op die plaats eerder een kerk heeft gestaan is (nog) niet aangetoond. In de kerk zijn een aantal bijzondere kunstwerken rondom Sint Alena te bewonderen. Van de graven van het vorstenpaar ontbreekt ieder spoor.
De plaats in het bos tussen Dilbeek en Vorst waar de wilde soldaten de arm van de romp rukten was in de loop der eeuwen een geliefde plek voor vele pelgrims. Zij hadden een tastbare locatie nodig waar zij genezing konden afsmeken. Uiteindelijk is er in 1872 een kapel gebouwd aan de rand van een prachtig breed bospad waarover de heilige dagelijks naar de kapel van Vorst zou hebben gelopen. Naast de kapel is een put met, uiteraard, geneeskrachtig water. Mensen met oogziektes kun met het wonderwater hun ogen spoelen. Pelgrims vonden bij de put een tastbare mogelijkheid om een aandoening mee te behandelen dankzij de tussenkomst van de heilige. De moerassen zijn inmiddels gedempt en hebben plaats gemaakt voor nieuwbouw. De meeste pelgrims van toen zijn inmiddels vervangen door toeristen.
Het hoogtepunt van de Alena verering is de St. Denijskerk in Vorst.