Kapel van Gageldonk
In aanleg was de kapel gewijd aan Maria. De woeste protestante watergeuzen verwoesten het katholieke interieur van de kapel. Daarna werd het heilige huisje gebruikt als stal. Door de komst van adel uit het Belgische Geel is de kapel gewijd aan de heilige Dymphna. Zij introduceerden in de wijk hun lokale patroonheilige en dat was Dymphna. Deze heilige wordt aangeroepen voor onder andere psychiatrische patiënten. In die tijd werden er door incestueuze relaties veel geestelijk gehandicapten geboren die schreeuwend en gillend door het gebied wat nu de Haagse Beemden is zwierven. Een aantal van hen was gevaarlijk.
Om dit probleem op te lossen werd in de zeventiende eeuw Breda aan de Boschstraat 22 van een dolhuys voorzien om deze mensen onder te brengen. De familie was verplicht om de kosten van onderhoud zelf te betalen. Ze wachtten daarom het liefst zo lang mogelijk met opname van hun dolle dierbaren in het dolhuys. De patiënten of dollen werden vastgeketend om te voorkomen dat ze konden ontsnappen. Af en toe was het open dag in het dolhuys. Dit was voor de Bredanaars een populair uitje. Men vergaapte zich maar wat graag aan de gruwel en horror die in het dolhuys te zien waren. Met name aan de dollen die waren opgesloten in een zogenaamde dolcel.
Evenals de dolhuyzen zijn de twee lustsloten uitgewist door de tijd. De verhalen, tekeningen en schilderijen behoeden de historie voor de vergetelheid.
Dit artikel verscheen eerder in ons derde jubileummagazine (september 2024).