1. Het vinden van geschikte sneeuw
De sneeuw die ietsje boven het vriespunt is plakt goed. Sneeuw die te koud is tref je aan op beschaduwde plekken. Waar af en toe de zon schijnt is de sneeuw wat warmer en geschikter.
2. Handschoenen
Trek dunne fleece handschoenen aan en vouw daaroverheen voorzichtig een stukje aluminium keukenfolie. Daar weer overheen latex keukenhandschoenen maat L. Dan krijg je geen koude handen tijdens het creatieve proces.
3. Het begin
Maak eerste een kleine perfect ronde sneeuwbal en rol deze over het gras. Vermijd uitlaatplaatsen van hondjes om vieze stinkhandschoenen te voorkomen. Rol de sneeuwbal in alle richtingen om de ronde vorm te perfectioneren. Het is belangrijk om de sneeuw stevig aan te drukken. Dan vriest de sneeuw beter aan elkaar en blijft je sneeuwcreatie langer overeind staan.
4. Afmetingen
Het mooist is het om drie maten sneeuwballen te rollen. De grootste onderop. De kleinste wordt het hoofd. Rol de sneeuwballen als het mogelijk is naar een plaats met veel schaduw. Als de sneeuwballen te groot zijn vraag dan hulp bij het omhoogtillen van de twee grotere sneeuwballen. Voorkom spit in de rug!
5. De armen
Rol nu een aantal kleinere sneeuwballen voor de armen en plak deze met losse plaksneeuw op de sneeuwpop. Vergeet niet om een stevige nek te maken van plaksneeuw.
6. Het decoreren
Zorg dat er allerlei leuke attributen klaarliggen om de pop een eigen identiteit te geven. Takjes, steentjes, houtjes etcetera. Een winterwortel is traditioneel voor de neus. Takjes kunnen gebruikt worden als vingers. Attributen voor de wenkbrauwen, ogen, neus, mond, vingers en knopen laten zich eenvoudig vormen in de sneeuw. Een oud gordijn geeft de illusie van een cape. Of rok.
7. Kleding
Het is leuk als de sneeuwpop een shawl om de nek heeft. Een muts is ook heel leuk. Een oude emmer of een oude pan is hiervoor een leuk alternatief. Of even naar de kringloop voor een oude hoed, ijsmuts en of shawl.
Veel sneeuwplezier!